Het lukt niet om de pagina die je zocht op KNVB.nl te laden.
Op dit moment is de website in onderhoudsmodus. Probeer het later nog eens.
Gebruik je een adblocker? Probeer deze uit te zetten en laad de pagina opnieuw.
KNVB.nl
Voor nieuws en ondersteuning van het Nederlandse voetbal.
Oranje
Het officiële kanaal van de KNVB voor alle Oranjefans.
Voetbal.nl
Hét platform voor uitslagen, standen en programma voor amateurvoetballend Nederland.
Eurojackpot KNVB Beker
Voor het laatste nieuws, uitslagen en programma van de Eurojackpot KNVB Beker.
Eurojackpot Vrouwen Eredivisie
Het officiële kanaal van de Eurojackpot Vrouwen Eredivisie met het laatste nieuws, programma, standen en alle samenvattingen.
Rinus
De online assistent voor alle jeugdtrainers van Nederland.
KNVB Campus
Voor de teams van morgen.
KNVB Shop
De officiële webshop van de KNVB.
KNVB Ticketshop
Het officiële verkoopkanaal voor de KNVB. Koop hier je tickets voor Oranje en de Eurojackpot KNVB Beker.
Dugout
De digitale leeromgeving van de KNVB
Eén Tweetje
De online community voor bestuurders in het amateurvoetbal.
KNVB Expertise
Kennis- en innovatiecentrum voor Betaald Voetbal.
Jeugdvoetbal is een omgeving waarin meiden en jongens samen kunnen voetballen. Een omgeving die veilig is voor alle kinderen, waarin kinderen samen plezier beleven en kunnen leren voetballen. Waarbij gekozen kan worden voor verschillende teamsamenstellingen en competities. Welke keuzes verenigingen ook maken, het is van belang dat er binnen verenigingen rekening gehouden wordt met alle kinderen en dat alle kinderen gelijke mogelijkheden krijgen om zich te ontplooien als mens en voetballer.
Bij de KNVB is jeugdvoetbal het uitgangspunt, voetbal voor jongens en voor meiden. Door de jeugdspeler centraal te zetten ben je in staat het voetbal zo goed mogelijk te laten aansluiten bij de drijfveren van de jeugdspelers zelf. Het bieden van jeugdvoetbal waarbinnen meiden en jongens met plezier kunnen leren voetballen in een veilige omgeving wil iedereen. Met dit uitgangspunt kun je een algemeen en jeugdvoetbalbeleidsplan maken die iedere vereniging op eigen wijze kan inrichten en (door)ontwikkelen. Je hebt dan een mooie kapstok waardoor je alle meiden en jongens zo goed mogelijk een passende plek kunt bieden binnen de vereniging. Daarbinnen kun je dan altijd ook nog ruimte maken voor specifieke zaken voor specifieke doelgroepen. Bijvoorbeeld zaken die specifiek zijn voor meiden of jongens, of zaken die specifiek zijn voor prestatieve en recreatieve junioren- of seniorenteams. Meiden zijn bijvoorbeeld vaak met een kleiner aantal binnen de vereniging, dit kan leiden tot specifieke vertaling van het beleid.
De KNVB ziet graag inclusieve organisaties en verenigingen.
Om de gelijkwaardigheid van meiden en jongens binnen de vereniging te waarborgen is het niet wenselijk om ook (veel) specifieke uitgangspunten op te stellen in het beleid. De KNVB ziet namelijk graag inclusieve organisaties en verenigingen, waar jongens en meiden, mannen en vrouwen samen verantwoordelijkheid nemen voor het voetballen. Een vereniging is een afspiegeling van de maatschappij, waarin we ook samen optrekken, op school, tijdens de gymles of tijdens het uitgaan.
Daarbij verschillen meiden en jongens niet eens zo veel van elkaar in hun wensen, behoeftes en drijfveren. Jongens onderling verschillen bijvoorbeeld meer van elkaar dan dat er verschillen zijn tussen jongens en meiden. Ook is het de vraag welke verschillen relevant zijn voor het voetballen.
Elk kind en dus ook elke jeugdspeler is uniek. Bij het begeleiden van jeugdspelers tijdens het trainen of de wedstrijden is het van belang hiervan goed op de hoogte te zijn. Veel factoren spelen een rol in de ontwikkeling van jeugdspelers, waardoor deze nooit met een rechte lijn omhoogloopt. Die begeleiding is een enorm mooie, maar ook uitdagende taak. Als je dit goed doet kun jij het verschil maken voor al jouw spelers. Onderstaande video en uitleg helpen je daarbij.
Naast dat er individuele verschillen zijn, zijn er zeker ook overeenkomsten tussen kinderen. Door goed naar de kinderen te kijken en luisteren, ga je deze overeenkomsten ook herkennen. Dit maakt het in sommige gevallen overzichtelijker voor jou als trainer hoe te handelen. De aanname die nogal eens gedaan wordt, is dat de verschillen gebaseerd zijn op sekse, maar er zijn bewezen meer overeenkomsten in de groep jongens en meiden dan binnen de groep jongens of binnen een groep meiden alleen.
De ontwikkeling van ieder individu verloopt op zijn of haar eigen en onvoorspelbare wijze. Zo is het goed om rekening te houden met verschillen die er binnen dezelfde leeftijden zijn. Deze verschillen kunnen met de tijd groter of juist kleiner worden. De verschillen hebben gevolgen voor de wijze waarop de spelers het spel (kunnen) spelen, beleven en ook hoe ze zich gedragen. De zogeheten kalenderleeftijd, biologische leeftijd en voetballeeftijd die hier onder andere aan ten grondslag liggen, worden hieronder nader toegelicht.
De kalenderleeftijd is gebaseerd op de geboortedatum van een speler. De peildatum in het voetbal is 1 januari. Dit betekent dat er tussen een speler geboren begin januari en eind december bijna één heel jaar verschil kan zitten. En dat terwijl ze wel in hetzelfde team of in ieder geval geboortejaar kunnen voetballen. Dit verschil van bijna twaalf maanden betekent voor een speler van 7-8 jaar zo’n 10 tot 15% achterstand ten opzichte van de speler die in januari geboren is.
Twee spelers kunnen in kalenderleeftijd net zo oud zijn, terwijl de een al veel verder is in zijn fysieke en motorische ontwikkeling dan de ander. Een verschil in voetbalvaardigheden is dan soms ook zichtbaar. Dit uit zich bijvoorbeeld in het hebben van meer lengte, kracht, snelheid, hetgeen van invloed kan zijn op het voetballen op ‘dat moment’. De groeispurt start bij ieder kind op een ander moment. Bij meisjes gemiddeld tussen 10- en 14 jaar en jongens tussen de 13 en 16 jaar. Waar een speler zich in de groeiontwikkeling precies bevindt noemen we de biologische leeftijd.
Voor jongens en meiden die jong zijn in biologische leeftijd is er een specifieke dispensatieregel.
De voetballeeftijd zegt alles wat invloed heeft op de ervaring die de speler heeft met voetballen en de beweging die daarbij hoort. Hoe lang je op voetbal zit, hoe vaak je traint en wedstrijden speelt op de club. Hoe vaak je naast het voetballen op de club nog voetbalt op straat, op school of andere plekken. Je voetballeeftijd is ook afhankelijk van je ervaring met bewegen. Sommige kind(eren) bewegen al veel en gevarieerd van jongs af en van spelen op straat, klimmen in bomen, rennen, fietsen, etc. Je gevoel voor bewegen is gebaseerd op je ervaring met bewegen en dit heeft ook weer invloed op je bewegen in het voetballen.
Er kan in het algemeen gesteld worden dat jongens eerder en meer gestimuleerd worden om te bewegen dan meiden. Maar in aanleg is het niet zo dat jongens beter kunnen bewegen en dus beter kunnen voetballen dan meiden. Het is dus belangrijk om alle meiden en jongens van jongs af aan te stimuleren om te bewegen. Ook kunnen kinderen verschillen beleven in hoe er vanaf het eerste jaar van de voetbalopleiding met hen wordt omgegaan. Bijvoorbeeld als het gaat om selectie en niet-selectie of wel of niet gemengd voetballen. Een andere vorm van (automatische) dispensatie is dat meiden als ze spelen in de gemengde jeugd onder competitie een jaar ouder mogen zijn m.u.v. O7, O8, O9 omdat hier het verschil in voetballeeftijd en fysieke ontwikkeling nog niet of nauwelijks aanwezig is. Onderstaand gaan we verder in op de verschillen en overeenkomsten.
Onderstaand zijn de verschillen en overeenkomsten op hoofdlijnen beschreven, de verschillen bij O6, O7 zijn minimaal en worden groter naarmate kinderen ouder worden. Houd er wel rekening mee dat het bij deze kenmerken om een gemiddelde van alle kinderen gaat.
Er kan in het algemeen gesteld worden, dat jongens eerder en meer gestimuleerd worden om te bewegen dan meiden. Maar in aanleg is het niet zo dat jongens beter kunnen bewegen en dus beter kunnen voetballen dan meiden. Het is dus belangrijk om alle meiden en jongens van jongs af aan te stimuleren om te bewegen. Ook kunnen kinderen verschillen beleven in hoe er vanaf het eerste jaar van de voetbalopleiding met hen wordt omgegaan. Bijvoorbeeld als het gaat om selectie en niet-selectie of wel of niet gemengd voetballen. Een andere vorm van (automatische) dispensatie is dat meiden als ze spelen in de gemengde jeugd onder competitie een jaar ouder mogen zijn m.u.v. O7, O8, O9, omdat hier het verschil in voetballeeftijd en fysieke ontwikkeling nog niet of nauwelijks aanwezig is. Onderstaand gaan we verder in op de verschillen en overeenkomsten.
Onderstaand zijn de verschillen en overeenkomsten op hoofdlijnen beschreven, de verschillen bij O6, O7 zijn minimaal en worden groter naarmate kinderen ouder worden. Houd er wel rekening mee dat het bij deze kenmerken om een gemiddelde van alle kinderen gaat.
Om dat wat in de inleiding staat te bereiken zien wij het voetbalveld als een schoolplein of een gymklas, waar alle basisschoolkinderen samen sporten. Uit onderzoek blijkt dat er geen enkele reden is om jonge kinderen gescheiden te laten sporten op basis van geslacht. Een voorwaarde is dan natuurlijk wel dat alle kinderen in die gemengde situatie zich gezien, gehoord en zich veilig voelen en gelijke mogelijkheden krijgen. De KNVB vindt het belangrijk om zich daar samen met verenigingen voor in te zetten.
Meiden en jongens mogen in de jeugd op alle leeftijden en op alle niveaus gemengd voetballen. Vanaf O13 proberen we altijd gemengde en meidencompetities aan te bieden. Ambitieuze en talentvolle speelsters adviseren we om zo lang mogelijk gemengd te blijven spelen. Dit kan door middel van gemengde teams, maar ook door gemengde competities. Het is belangrijk om het plezier en de ontwikkeling van individuele jeugdvoetballers centraal te zetten. Voor verenigingen is het een belangrijke vraag hoe zij jongens en meiden het beste kunnen indelen. Hierop heeft de KNVB een visie op gemengd voetbal ontwikkeld.
Het uitgangspunt hierbij is om jongens en meiden te laten voetballen in een veilige omgeving, waar zij met veel plezier beter kunnen leren voetbalen. Gemengd voetballen is leerzaam voor jongens en meiden van alle leeftijden. Tot en met 11 jaar zijn er namelijk nauwelijks verschillen die invloed hebben op het samen voetballen. Daarom adviseren we om spelers en speelsters t/m 11 jaar gemengd voetbal te laten spelen. Teams en competities worden bij voorkeur niet ingedeeld op basis van sekse, maar op andere bij voorkeur subjectieve criteria die de vereniging hanteert voor alle jeugdspelers.
Gelijke kansen en Gemengd voetbal
Leer meer over de principes van Gemengd voetbal en Gelijke kansen.
Voor het introduceren en implementeren van gemengd voetballen, verwijzen we naar het digitale magazine gelijke kansen en gemengd voetballen. In dit magazine ga je in vijf stappen van verdieping en visieontwikkeling naar organisatie en implementatie van de inhoud om tot slot het proces en de inhoud te evalueren en weer vervolgstappen te kunnen nemen. Per stap worden er kennis en inzichten, praktijkverhalen en werkvormen aangereikt waarmee je aan de slag kunt.
Vanaf O13 worden de verschillen tussen meiden en jongens dus langzaam groter en kunnen ze relevant worden binnen het spelen van voetbal. Het is goed om in deze leeftijd meiden blijvend te stimuleren gemengd te voetballen. Maar er is mogelijk ook een groep meiden waarvoor het verschil ‘te groot’ gaat worden. Om alle meiden nog een passende plek te bieden is het vanaf deze leeftijd van belang dat meiden gemengd kunnen blijven spelen en daartoe gestimuleerd worden. Er zijn drie mogelijkheden die aangeboden kunnen worden:
Het is belangrijk scherp in de gaten te houden of alle individuele meiden op hun plek zitten.
Alleen als je alle drie de opties kunt aanbieden, kun je voor alle meiden op individuele basis een passende plek aanbieden. Veel clubs hebben nog niet het aantal meiden om dit volledige palet aan keuzes te kunnen bieden. Het is dan ook altijd belangrijk om scherp in de gaten te houden of alle individuele meiden op hun plek zitten. Als dit niet zo is, dan is de kans groot dat een speelster gaat uitstromen. Dat wil niemand, dus zorg dat een betreffende speelster in ieder geval behouden kan worden voor het voetballen. Al is het niet bij de eigen vereniging. Een andere oplossing is om een samenwerking te zoeken met één of meerdere andere verenigingen om meer meiden een passende plek te bieden.
Geombineerde voetbalafdelingen
Mogelijke samenwerkingsvormen met een vereniging in de buurt.
Op een passende plek krijgt iedere individuele jeugdspeler trainingen en wedstrijden aangereikt waarbinnen de jeugdspeler uitdaging ervaart. Opdrachten en oefeningen moeten kunnen lukken en mislukken. Als alles lukt of alles mislukt, dan zal een jeugdspeler niet het gevoel hebben succesvol te kunnen zijn. Als alles lukt, dan hebben jeugdspelers niet het gevoel dat ze nog beter kunnen worden in het team of onder begeleiding van de betreffende trainer waardoor ze uitdaging missen en mogelijk plezier verliezen. Als alles mislukt, dan gaan jeugdspelers steeds grotere drempels ervaren om opdrachten/oefeningen uit te voeren. Het zelfvertrouwen en plezier zal dan afnemen.
Balans vinden in lukken en mislukken voor iedere individuele speler binnen een team, is van groot belang. Van belang voor de mate van plezier, ontwikkeling en behoud van de jeugdspeler.