Column Jan Dirk v/d Zee: Staatssecretaris voor Sport

Vorige week ontving ik een mailtje van Mark Rutte. Twaalf zinnen. Een vraag. De premier maakt zich zorgen over ‘de unieke Nederlandse verenigingsstructuur’. Hij had begrepen dat circa zeventig procent van de amateurvoetbalclubs in financiële nood zou verkeren.

Rutte wilde weten wat de clubs (en de KNVB) doen aan de teruglopende ledenaantallen en het groeiende tekort aan vrijwilligers, bestuursleden, trainers en sponsors. Daarnaast vroeg hij op de man af wat de overheid kan betekenen om het clubvoetbal (en de cultuur van de vaderlandse breedtesport) te helpen.

Eerlijk? We kunnen wel wat hulp gebruiken

Ik knipperde even met mijn ogen; las ik het goed of werd ik in de maling genomen? Was dit de minister-president? En gemeend? Of vormde de vraag een onderdeel van de verkiezingscampagne? Na enige aarzeling besloot ik mijn terughoudendheid te laten varen. In het belang van het voetbal moest ik deze zeldzame kans voor open doel maken.

Geachte heer Rutte

Goed om te horen dat u de Nederlandse amateursport zo’n warm hart toedraagt. En eerlijk? We kunnen wel wat hulp gebruiken. Ik lees in uw tekst dat tweeduizend voetbalverenigingen moeite hebben om het hoofd boven water te houden. Dat getal op zichzelf komt me niet bekend voor.

Ik weet wel dat mensen bij de clubs hard moeten werken om ze gezond te houden en aantrekkelijk te maken voor de jongere generaties. Daarin probeert de bond ze zoveel mogelijk te ondersteunen. Vaak doen we dat tegen de stroom in. De politiek zegt namelijk wel dat ze sport belangrijk vindt, voor de samenleving, maar in de praktijk merken we daar nog niet zo heel veel van. Sterker nog; we worden structureel geconfronteerd met hogere kosten en nieuwe regels.

Unieke verenigingsstructuur

We zijn toe aan een staatsecretaris voor Sport. Een persoonlijkheid met een missie, daadkracht en budget

‘De unieke verenigingsstructuur in Nederland’, zoals u die zo mooi beschrijft in uw mail, wordt door de overheid nog niet gezien als een investering in de gezondheid van het land. Daarom ben ik zo blij met uw e-mail. Betrokkenheid bij de sport vanuit het kabinet hebben we gemist. Er zitten weliswaar enthousiaste partijwoordvoerders in de Tweede Kamer, die met hart & ziel knokken voor de sport (waaronder die van uw eigen partij), maar vanuit het hoogste echelon, het politieke bestuur van dit land, hadden we al veel langer, veel meer mogen verwachten en missen we een sportambassadeur.

Dat moet om, als u het mij op de man af vraagt. Sport is van onschatbare waarde voor het land en zou centraal moeten komen te staan in het regeringsbeleid. Met iemand die er op het allerhoogste politieke niveau verantwoordelijk voor wordt. We zijn toe aan een staatsecretaris voor Sport. Een persoonlijkheid met een missie, daadkracht en budget. Bent u daarvoor te porren? 

Columns Jan Dirk van der ZeeLees hier de eerder gepubliceerde columns van Jan Dirk van der Zee.


Terug naar boven