Column Jan Dirk van der Zee: Jacuzzi’s in de kleedkamer

Mogen bepaalde spelers in een voetbalteam een arbeidsovereenkomst aangaan en andere weer niet? Of is dat in strijd met het mededingingsrecht? Een paar voetbalverenigingen buigen zich op dit moment over deze juridische vraag.

Ze hebben moeite met de komst van de tweede en derde divisie. Een besluit waar ze in 2014 samen met de andere amateurclubs in Nederland nog achter stonden. Namelijk het openbreken van de competitie waardoor elke vereniging de Eredivisie kan bereiken. Of andersom. Voor het eerst sinds jaren zullen er clubs uit de Eerste divisie gaan degraderen.

Consequenties

Destijds wist iedereen dat dit besluit consequenties zou hebben. Immers, hoe hoger je komt te spelen, des te meer dit van de organisatie verlangt op het gebied van veiligheid, accommodatie en reglementen. Daarom heeft de KNVB met alle betrokken partijen in het voetbal - waaronder de vertegenwoordigers uit de top- en hoofdklasse – nieuwe licentievoorwaarden opgesteld. 43 in totaal.

Deze licentievoorwaarden zijn voor het leeuwendeel bepalingen van infrastructurele aard, die de accommodaties van de clubs moeten klaarstomen voor voetbal in de hoogste divisies. Denk onder meer aan een betere bereikbaarheid voor mensen met een beperking, verbeteringen aan de geluidapparatuur, nieuwe trainingsfaciliteiten, extra veiligheidsmaatregelen, andere lichtmasten en een goede bewegwijzering.

— De Spakenburgse derby zal komend jaar niet plaatsvinden in competitieverband. Spakenburg promoveerde naar de Tweede divisie, IJsselmeervogels komt uit in de Derde divisie.

Gouden kranen

Geen gekke dingen dus, vinden ook de clubs die nu twijfelen over de Tweede divisie. Zeker geen zaken, waar men zich vooraf zorgen over had gemaakt, zoals verwarmde zittribunes, gescheiden supportersvakken, gouden kranen in het toilet, digitale kaartcontroles en jacuzzi’s in de kleedkamer. Het zijn met name de verplichte arbeidsvoorwaarden uit de licentieovereenkomst, die op bezwaren stuiten.

Nagenoeg alle clubs in de Top- en Hoofdklassen hebben al jaren overeenkomsten met hun spelers

Een wonderlijke gang van zaken. Nagenoeg alle clubs in de Top- en Hoofdklassen hebben al jaren overeenkomsten met hun spelers. Er zijn zelfs verenigingen met personeelskosten die in de tonnen euro’s lopen. Het enige punt dat de KNVB-licentiecommissie arbeidsrechtelijk stelt, is de boel op een fatsoenlijke én eenduidige manier te regelen. Veel transparanter dan nu vaak gebeurt, met zelfgemaakte contracten of onkostenvergoedingen waar de fiscus grote moeite mee heeft. Zo bleek maar weer in het afgelopen seizoen, toen verenigingen naheffingen en boetes kregen opgelegd vanwege onkostenvergoedingen die door de belastingdienst worden geoormerkt als verkapt salaris. Met alle gevolgen van dien. Verenigingen in de financiële problemen en een paar bestuurders van hun bed gelicht. Ook daarom wil de KNVB geregistreerde en eenduidige arbeidsovereenkomsten. Simpel, iedereen speelt het spel volgens dezelfde regels.

Twijfel? Onnodig

Toch blijft een aantal clubs twijfelen aan deze verplichte arbeidsvoorwaarden. Onnodig. De KNVB neemt de arbeidsovereenkomsten namelijk ook mee in de cao-besprekingen met de sociale partners. Dan is er helemaal geen sprake meer van mededingingsrecht en kunnen clubs en vakbonden tevreden zijn met een arbeidsovereenkomst, die wettelijke zekerheden biedt voor de verplichtingen over en weer.

Mooi. Kunnen wij ons eindelijk bezig houden met voetbal, in plaats van gedoe over een lang geleden genomen besluit.


Terug naar boven