Er is iets mis gegaan.

Het lukt niet om de pagina die je zocht op KNVB.nl te laden.

Op dit moment is de website in onderhoudsmodus. Probeer het later nog eens.

Gebruik je een adblocker? Probeer deze uit te zetten en laad de pagina opnieuw.

Bezanden: een simpele handeling met grote gevolgen voor de grasmat

KNVB Media
KNVB Media
1 uur geleden

Bezanden is veel meer dan alleen een maatregel tegen plassen op het veld. - Foto: KNVB Media

Vraag een vrijwilliger op een sportpark wat bezanden oplevert en de kans is groot dat hij zegt: "dan blijft het veld beter droog". Dat antwoord is niet verkeerd, maar wel onvolledig. Bezanden is veel meer dan alleen een maatregel tegen plassen op het veld. Het is een van de belangrijkste manieren om de bodemstructuur van sportvelden gezond te houden en vormt daarmee een belangrijke basis voor een sterke, duurzame grasmat.

Een natuurgrasveld krijgt jaarlijks veel te verduren. Spelers lopen, sprinten en glijden over het veld. Daarnaast rijden maaiers, beluchters en andere onderhoudsmachines regelmatig over dezelfde ondergrond. Daardoor verdicht de bodem langzaam. Tegelijkertijd hopen organisch materiaal, afgestorven wortels en maairesten zich op in de bovenste laag. Die toplaag wordt daardoor steeds vetter en minder open van structuur. Het gevolg is dat lucht en water minder goed kunnen doordringen in de bodem. Wortels blijven oppervlakkiger groeien, regenwater blijft langer staan en de grasmat wordt gevoeliger voor schade.

Poriënstructuur herstellen

Regelmatig bezanden houdt de bodem luchtiger, stabieler en beter bespeelbaar

Veel beheerders denken bij bezanden vooral aan een betere afwatering. Dat effect is er zeker, maar de belangrijkste functie van bezanden is het beheersen van het organische-stofgehalte in de toplaag. Door ieder jaar een hoeveelheid verschralingszand toe te voegen, wordt de ophoping van organische stof verdund. Daarmee blijft de verhouding tussen minerale en organische bestanddelen beter in balans. Een sportveld waarop jarenlang geen zand wordt aangebracht, krijgt vaak een steeds vettere toplaag. Die houdt meer vocht vast, wordt gladder en raakt gevoeliger voor verdichting. Door regelmatig te bezanden blijft de bodem luchtiger, stabieler en beter bespeelbaar.

Een gezonde grasplant heeft zuurstof nodig rond zijn wortels. Wanneer de bodem te dicht wordt, ontstaan er steeds minder poriën waarin lucht en water kunnen circuleren. Verschralingszand helpt om die poriënstructuur te herstellen. Hierdoor kunnen wortels zich gemakkelijker ontwikkelen en dieper de grond in groeien. Dat heeft meerdere voordelen. Dieper wortelend gras kan beter omgaan met droogte, neemt efficiënter voedingsstoffen op en herstelt sneller van intensieve bespeling. Uiteindelijk ontstaat daardoor een sterkere grasmat die langer meegaat.

— Een bezande toplaag biedt voetballers meer grip onder natte omstandigheden. 

Betere waterafvoer

Een van de meest zichtbare effecten van bezanden is een betere waterafvoer. Doordat water gemakkelijker wegzakt in de bodem neemt de kans op plasvorming af. Vooral in natte herfst- en wintermaanden kan dat een groot verschil maken voor de bespeelbaarheid van het veld. Daarnaast zorgt een bezande toplaag voor meer stroefheid. Het oppervlak wordt minder glad en biedt spelers meer grip onder natte omstandigheden. Daarom wordt bezanden vaak gecombineerd met beluchten Op veel sportparken worden bezanden en beluchten in één onderhoudsronde uitgevoerd. Tijdens het beluchten worden gaten of sleuven in de bodem gemaakt. Vervolgens wordt het zand in deze openingen gewerkt. Daarmee ontstaan als het ware kleine snelwegen voor lucht, water en wortels. Die combinatie is bijzonder effectief op velden waar sprake is van verdichting of een verminderde waterafvoer.

Hoeveel zand nodig is, verschilt sterk per veld. Een zwaar bemest en intensief gebruikt veld bouwt sneller organische stof op dan een schraler veld. Ook velden waar maaisel wordt afgevoerd hebben vaak minder zand nodig dan velden waar alle organische resten achterblijven. Bodemtype speelt eveneens een rol. Vooral op kleiige ondergronden is regelmatig bezanden belangrijk om de gewenste eigenschappen van de toplaag te behouden. Daarom bestaat er geen standaardrecept dat voor elk sportveld werkt. Goed beheer begint met kijken naar de eigen bodem en de ontwikkeling van de grasmat.

Niet te grof, niet te fijn

Niet ieder zand is geschikt als bezandingszand. Voor sportvelden wordt gewerkt met speciaal verschralingszand dat qua korrelopbouw aansluit bij de bestaande toplaag. Te grof of juist te fijn zand kan nieuwe problemen veroorzaken. Wanneer het verkeerde zand wordt toegepast, kan de bodem juist gevoeliger worden voor verdichting. Ook de waterdoorlatendheid en beworteling kunnen daaronder lijden. Daarom loont het om vooraf goed te kijken welke samenstelling al aanwezig is voordat nieuw zand wordt aangeschaft.

Bezanden is het meest effectief in de nazomer en vroege herfst.

Hoewel bezanden ook onderdeel kan zijn van het zomeronderhoud, geldt de nazomer en vroege herfst vaak als het meest effectieve moment. De afbraak van organisch materiaal neemt dan geleidelijk af, terwijl grasresten zich juist blijven ophopen in de toplaag. Daardoor ontstaat sneller vervetting aan het oppervlak. Door in deze periode te bezanden wordt de grasmat beter voorbereid op de natte wintermaanden en blijft de bespeelbaarheid langer op peil.

Actief bodemleven

Interessant genoeg is meer zand niet altijd de oplossing. Een actief bodemleven helpt bij het afbreken van organische resten. Regenwormen, schimmels en bacteriën zetten afgestorven plantenmateriaal om, waardoor minder ophoping ontstaat in de toplaag. Ook een doordacht maaibeheer en een zorgvuldig bemestingsprogramma kunnen helpen om vervetting af te remmen. Dat betekent niet dat bezanden overbodig wordt, maar wel dat goed bodembeheer de behoefte aan grote hoeveelheden verschralingszand kan beperken.

Bezanden lijkt een eenvoudige onderhoudshandeling, maar onder het oppervlak gebeurt veel meer dan op het eerste gezicht zichtbaar is. Het helpt organische stof in balans te houden, verbetert de bodemstructuur, stimuleert diepere beworteling en zorgt voor een betere afwatering. Wie bezanden uitsluitend ziet als een middel tegen plassen mist daarom een belangrijk deel van het verhaal. Uiteindelijk gaat het niet om het zand zelf, maar om het creëren van een gezonde bodem waarin gras optimaal kan groeien. En juist die bodem vormt de basis voor een sterk, veilig en duurzaam sportveld. Hierbij is een gezonde wortelzone minstens zo belangrijk als een mooie grasmat boven het maaiveld.


Laatste artikelen