Er is iets mis gegaan.

Het lukt niet om de pagina die je zocht op KNVB.nl te laden.

Op dit moment is de website in onderhoudsmodus. Probeer het later nog eens.

Gebruik je een adblocker? Probeer deze uit te zetten en laad de pagina opnieuw.

Sports Labs: onafhankelijke kwaliteitsbewaker helpt voetbal vooruit

KNVB Media
KNVB Media
2 uur geleden

Foto: KNVB Media

Als platinum partner van het Innovatieplatform Gras speelt Sports Labs een belangrijke rol in de voortdurende zoektocht naar betere, veiligere en duurzamere natuurgrasvelden. Het internationale keuringsinstituut is gevestigd op de KNVB Campus in Zeist. Operationeel manager Roy Hubers en senior kwaliteitsinspecteur Thom Halkis houden zich dagelijks bezig met het objectief meten, monitoren en verbeteren van de kwaliteit van voetbalvelden in heel Nederland.

Auteur: redactie vakblad Fieldmanager

"We waren al innovatiepartner van de KNVB voordat het platform bestond," vertelt Hubers. "De stap naar het Innovatieplatform Gras was daarom heel logisch. Zodra er nieuwe ideeën of technologieën ontstaan, zijn wij vaak een van de eersten die meedenken over praktische toepasbaarheid en meetbaarheid." Halkis vult aan: "Als keuringsinstituut brengen wij in kaart wat een veld echt doet. Daarmee vormen we een belangrijke schakel tussen innovatie en de dagelijkse praktijk op het veld."

Drie keuringen per seizoen

Binnen de Eredivisie en Keuken Kampioen Divisie is de waarde van veldmetingen inmiddels onomstreden. Sports Labs voert daar drie officiële keuringen per seizoen uit. Die systematische aanpak werpt duidelijk vruchten af. "We zien jaar op jaar een stijgende trend in de puntenscores," zegt Halkis. "Alleen al het feit dat clubs inzicht krijgen in de conditie van hun veld, zorgt voor gerichter onderhoud en dus snellere vooruitgang." Gericht onderhoud houdt in dat clubs precies weten waar ze bij moeten sturen. Als een veld te hard is, is beluchten of vertidrainen bijvoorbeeld effectiever dan maaien of rollen. Een te lage stroefheid wijst doorgaans op een te open mat of beperkte wortelgroei, terwijl een afwijkende balrol of balstuit vaak te herleiden is tot een ongunstige bodemstructuur. Door deze inzichten kunnen clubs gerichte keuzes maken. "Door data te gebruiken, kun je gerichter en efficiënter onderhoud plegen," zegt Hubers. "Dat scheelt niet alleen geld, maar levert ook meer speeluren en minder blessures op."

Voor amateurverenigingen en gemeenten geldt in Nederland geen verplichting tot keuren. Daardoor ontbreekt op veel plaatsen een goed beeld van de veldkwaliteit, terwijl daar juist de grootste winst valt te behalen. Hubers: "Veel gemeenten meten pas wanneer er problemen zijn. Dan kun je vooral repareren. Het zou zoveel opleveren als er ook preventief gemonitord wordt." Halkis benadrukt dat veel clubs vooral naar de kosten kijken. "Maar betere velden met gericht onderhoud zijn op de lange termijn juist goedkoper. Minder kunstmest, minder herstelwerk, minder afgelastingen." Volgens Sports Labs is verbetering bijna altijd mogelijk. "Ook met beperkte middelen kun je veel bereiken," zegt Halkis. "Verandering zit vaak niet in grote investeringen, maar in gerichte aanpassingen."

Gemeenten en clubs kunnen basisinspecties uitvoeren, zoals het meten van wortellengte of het inschatten van de vochtigheid. Maar de echte sporttechnische analyses vereisen specialistische apparatuur. Die apparatuur brengt zaken in kaart zoals schokabsorptie, balrol, balstuit, stroefheid, hardheid, indringing en energierestitutie. Daarnaast worden agronomische factoren gemeten, zoals waterdoorlatendheid en wortelontwikkeling. "Onze apparatuur is gecertificeerd en kostbaar," legt Hubers uit. "Alleen al een Triple A-meter kost vandaag de dag rond de 25.000 euro. Deze meter moet jaarlijks gekalibreerd worden en vergt kennis en kunde om ermee te kunnen werken. Dat schaft een gemeente niet even aan." Halkis wijst op het belang van onafhankelijkheid: "Onafhankelijke data is feitelijk en betrouwbaar. Een fieldmanager kan daarmee heel duidelijk naar de directie of gemeente stappen: 'Dit is de status van ons veld en hier heb ik budget voor nodig.' Dat werkt veel krachtiger dan een inschatting op gevoel."

Rond de tweede keuring van het seizoen bij betaald voetbalclubs, midden in de winter, worden vaak voormetingen uitgevoerd. Dat blijkt zeer effectief. "Bijna altijd zien we een verbetering van 5 tot 10 procent tussen de voormeting en de officiële keuring," vertelt Hubers. "Clubs pakken specifieke zones dan heel gericht aan, en dat zie je direct terug in de scores." Volgens Halkis is dit hét bewijs dat datagedreven onderhoud werkt. "Het is precies waar het om draait: inzichten die direct leiden tot betere velden."

Bodem is de basis

Sports Labs ziet een belangrijke toekomstige stap in het belonen van agronomische kwaliteit. "We meten zaken zoals waterdoorlatendheid en wortellengte al wel, maar die tellen nog niet mee in de score," zegt Hubers. "Terwijl de bodem de basis is van alles. Een veld met gezonde wortels presteert sporttechnisch bijna vanzelf goed." Het ligt volgens hem voor de hand dat toekomstige keuringen integrale scores zullen bevatten waarin bodemgezondheid een grotere rol krijgt. "Als je puur naar de speler kijkt, zijn we sporttechnisch inmiddels heel compleet. Alle aspecten waar een speler (in)direct mee te maken krijgt, worden al gemeten. Waar voor ons nog winst zit, is aan de agronomische kant. Om de bodem echt goed in kaart te brengen mag de focus wat meer liggen op gedetailleerde bodemmetingen en slimme, misschien nog te ontwikkelen, meetinstrumenten. Je wilt als fieldmanager sneller en preciezer kunnen zien waar verdichtingen zitten, op welke diepte, en welke zones onvoldoende water doorlaten. Hoe beter we dat soort bodemprocessen objectief en fijnmazig kunnen meten, hoe beter we sporttechnische kwaliteit kunnen borgen en problemen voor zijn."

Binnen het Innovatieplatform Gras wordt regelmatig gesproken over het monitoren van amateurvelden, maar een verplichting invoeren is ingewikkeld. Halkis: "Misschien moet je eerder denken aan belonen dan verplichten. Werken met sterren zou een mooi systeem kunnen zijn. Dat motiveert clubs om te streven naar betere kwaliteit zonder dat er direct sancties aan hangen." Hubers ziet dat ook voor zich: "Maak kwaliteit zichtbaar, en clubs gaan vanzelf streven naar beter." Tijdens de kennissessies van het Innovatieplatform merken Hubers en Halkis dat clubs en gemeenten vaker vragen naar wat het kost, dan naar wat het oplevert. Hubers: "Daar valt nog winst te behalen."

Het team van Sports Labs is stevig verankerd op de KNVB-campus en staat bekend om zijn flexibiliteit. "Als een gemeente morgen of overmorgen wil keuren, is dat vaak mogelijk," zegt Halkis. Buiten de zomerpiek kan het team zeer snel schakelen. De kernboodschap van Sports Labs is helder: objectieve metingen vormen de basis voor betere velden, minder onderhoudskosten en meer speelplezier. Of zoals Hubers het samenvat: "Met een gerichtere en efficiëntere aanpak meer bereiken; dat is de kracht van keuren en monitoren."

Laatste artikelen