Wisselen en penaltyserie; deze regels gelden tijdens de nacompetitie

KNVB Media
KNVB Media
31 mei, 15:35

De regels die gelden tijdens de komende nacompetitie zijn gebundeld in dit artikel. - Foto: KNVB Media

Op 1 juni begint de nacompetitie en strijden verschillende teams voor lijfsbehoud of promotie. In deze beslissende wedstrijden zijn een aantal belangrijke regels van kracht die voor scheidsrechters, trainers, wedstrijdsecretarissen en de voetballers belangrijk zijn op te weten. Dit gaat om wedstrijden in de A-categorie.

In het kort zijn dit de belangrijkste regels tijdens de komende nacompetitiewedstrijden:

  • Mocht na de verlenging een strafschoppenserie nodig zijn om een winnaar te bepalen, wordt die afgewerkt volgens het ABBA-systeem. Als de stand nog altijd gelijk is nadat beide ploegen vijf strafschoppen hebben genomen, gaat de reeks verder volgens het ABBA-systeem, tot er een winnaar is.
  • Tijdens een verlenging van een standaard seniorenwedstrijd bij de mannen en een vrouwenwedstrijd vanaf de tweede klasse en hoger mag een vierde wisselspeler worden ingezet.
  • Tijdens de verlenging van een reservewedstrijd of jeugdwedstrijd (waarbij normaalgesproken al vijf keer mag worden gewisseld) mag in de verlenging géén extra wisselspeler worden ingezet.

Sommige regels verschillen per categorie (senioren standaard, senioren reserve, vrouwenvoetbal en jeugd.) Kijk daarom goed welke regels voor jouw wedstrijd van belang zijn. Hieronder staan deze regels uitgebreider en per categorie nader uitgewerkt. Heb je daarover vragen, neem dan contact op met de medewerker arbitrage van jouw steunpunt.

Alle categorieën

Indien een wedstrijd in een gelijkspel eindigt, wordt er meteen verlengd met 2 x 15 minuten. Als ook na verlenging de stand nog gelijk is, dan volgt een strafschoppenserie.

De strafschoppen worden genomen volgens het zogeheten ABBA-systeem. Het ABBA-systeem houdt in dat ploeg A de eerste strafschop neemt en ploeg B de volgende twee, waarna ploeg A weer mag. De strafschoppenserie ziet er schematisch als volgt uit:

1e strafschop Ploeg A2e strafschop Ploeg B
3e strafschop Ploeg B4e strafschop Ploeg A
5e strafschop Ploeg A6e strafschop Ploeg B
7e strafschop Ploeg B8e strafschop Ploeg A
9e strafschop Ploeg A10e strafschop Ploeg B
  
11e strafschop Ploeg B12e strafschop Ploeg A
13e strafschop Ploeg A14e strafschop Ploeg B
15e strafschop Ploeg B16e strafschop Ploeg A
17e strafschop Ploeg A18e strafschop Ploeg B
Enzovoort.... 

Voor alle duidelijkheid: ook als nadat beide teams vijf strafschoppen hebben genomen de stand gelijk is, gaat de reeks verder volgens het ABBA-principe.

Senioren standaardvoetbal

Mocht een standaardwedstrijd niet na de reguliere speeltijd zijn beslist en moet er een verlenging worden gespeeld, hebben de teams de mogelijkheid om in die verlenging een vierde wisselspeler in te zetten.

  • Tijdens de reguliere speeltijd mag er maximaal drie keer gewisseld worden.
  • In de verlenging mag een vierde speler, onder wie de doelverdediger, worden vervangen;
  • Het is daarbij niet van belang of in de reguliere speeltijd of in de verlenging de derde wisselmogelijkheid al is gebruikt.
  • Een speler die is gewisseld, mag niet meer aan de wedstrijd deelnemen.  

Senioren reservevoetbal

Hierbij geldt in de nacompetitie dezelfde wisselbepaling als in de reguliere competitie. Er is dus géén mogelijkheid om een extra wisselspeler in te zetten tijdens een eventuele verlenging.

Er mogen vijf wisselspelers worden ingezet. Een speler die eenmaal is gewisseld, mag niet meer aan de wedstrijd deelnemen. Doorlopend wisselen is dus niet toegestaan.

Vrouwenvoetbal

Bij deze nacompetitiewedstrijden is de wisselbepaling van de 2e klasse van toepassing. Dat betekent concreet dat er drie wisselspeelsters mogen worden ingezet.

Een speelster die eenmaal is gewisseld, mag niet meer aan de wedstrijd deelnemen. Doorlopend wisselen is dus niet toegestaan. Dit geldt dus ook indien het een wedstrijd betreft tussen twee 3e klassenteams!

Mocht een wedstrijd niet na de reguliere speeltijd zijn beslist en moet er een verlenging worden gespeeld, hebben de teams de mogelijkheid om in die verlenging een vierde wisselspeler in te zetten.

  • Tijdens de reguliere speeltijd mag er maximaal drie keer gewisseld worden.
  • In de verlenging mag een vierde speler, onder wie de doelverdediger, worden vervangen;
  • Het is daarbij niet van belang of in de reguliere speeltijd of in de verlenging de derde wisselmogelijkheid al is gebruikt.
  • Een speelster die is gewisseld, mag niet meer aan de wedstrijd deelnemen.  

Jeugdvoetbal

Hierbij geldt in de nacompetitie dezelfde wisselbepaling als in de reguliere competitie. Er is dus geen mogelijkheid om een extra wisselspeler in te zetten tijdens een eventuele verlenging.

Er mogen vijf wisselspelers worden ingezet. Een speler die eenmaal is gewisseld, mag niet meer aan de wedstrijd deelnemen. Doorlopend wisselen is dus niet toegestaan.

Let op

Voor komende seizoen is een aantal spelregelwijzigingen aangekondigd. Die gaan in per 1 juni, maar zijn niet van toepassing op lopende competities en dus ook niet op de nacompetitiewedstrijden en bekerfinales die nu worden gespeeld. In de nacompetitie en in de beker gelden dus gewoon de ‘oude’ regels. 

Gerelateerd nieuws

Laatste artikelen

Terug naar boven