Hé scheids: Kampioenenwedstrijd

KNVB Media
KNVB Media
2 juli, 10:00

Journalist Robbert Minkhorst neemt de proef op de som. - Foto: KNVB Media

Steeds sneller, steeds makkelijker ook, is de scheidsrechter Kop van Jut. Beschimpt, belaagd en betast. Wie respecteert de scheidsrechter nog? En hoe leuk is het dan om er een te zijn - of te worden? Journalist Robbert Minkhorst neemt de proef op de som.

Het was een speciale dag voor de JO 13-1 van Wilhelmus en daar was ook mijn medewerking bij gewenst, kreeg ik te horen: de jongens waren een week eerder kampioen geworden in de hoofdklasse en nu was de thuiswedstrijd waarbij ze zouden worden gehuldigd. Het Voorburgse complex van vv Wilhelmus (gemeente Den Haag) ligt fraai verscholen in het groen, je hebt geen benul van dat moois in de nabijheid als je een van de spaghettislierten oprijdt van het Prins Clausplein, het knooppunt van de A4 en de A12. Groene parel in een grauwe schelp. Ik was met de fiets gekomen vanaf Leiden, langs de Vliet, want het was mooi weer – dan zie je het wel.

Veel aandacht voor de jeugd

Gevraagd werd of de jongens in hun eigen kampioensshirt met hun namen erop mochten spelen en hoewel ik niet zeker wist of het wel mocht, mocht het

De scheidsrechterscoördinator had me al eens laten weten dat de vereniging haar jeugd koestert en dus veel aandacht geeft, tot en met het opleiden van jonge scheidsrechters aan toe. Met zo’n vijftig jeugdteams en in totaal 1300 leden is Wilhelmus ook duidelijk een grote club. Voor de (hoger spelende) selectieteams wordt gescout in de omgeving, wat ook bij de JO 13-1 is gebeurd.

Op tafel in de commissiekamer lagen de dikke enveloppen, bedoeld voor de lotenverkoop van de Grote Clubactie, klaar voor alle jeugdteams. Intussen namen we samen de choreografie rond de wedstrijd door. Oud-topscheidsrechter Dick Jol floot die dag ook een potje, de kampioenswedstrijd van de JO 15-4, maar dan op een bijveldje – ik stond op veld 1. Eigenlijk altijd speelde de JO 13-1 de voorwedstrijd van de JO 19-1, maar het leek Wilhelmus leuk om de volgorde vandaag om te draaien. Gevraagd werd of de jongens in hun eigen kampioensshirt met hun namen erop mochten spelen en hoewel ik niet zeker wist of het wel mocht, mocht het. Het hoofdveld was versierd, er zou muziek zijn bij de opkomst, er werd gefilmd en er was nepvuurwerk – was dat allemaal oké? Wat mij betreft wel.

Officiële opkomst

’’Zullen we het dan maar helemaal officieel maken’’, opperde ik vervolgens, ’’en er een officiële opkomst van maken, zoals in het betaalde voetbal?’’ Dat leek ze een prima idee – aan mij de taak om dat ook zo af te spreken met de tegenstander, de JO 13-1 van Graaf Willem II VAC. Dat bleek geen enkel probleem.

Ik hoopte dat de jongens van Graaf Willem II hun tekortkomingen niet zouden gaan overcompenseren

En dus stelden we ons op in de gang van het kleedkamercomplex in rijen van twee, twee vaders en ik als arbitraal trio voorop, de bal onder mijn arm, en zo liepen we in optocht naar het hoofdveld. Clubleden vormden onderweg een joelende en klappende erehaag, tot we een boog van ballonnen passeerden het hoofdveld op. Ouders filmden en fotografeerden met hun telefoons. Aan de ballenvangers hingen spandoeken met ‘Onze trots’, ‘Black Yellow Army’, ‘Eens een wesp, altijd een wesp’. En: ‘JO 19-1 feliciteert het kleine broertje met ’n geweldig kampioenschap’.

Lomp, fel en brutaal

Voor aanvang had ik wel te doen met de tegenstander die als nummer laatst in de competitie op voorhand al was gedegradeerd tot figurant vandaag. Het verschil in doelsaldo was 130 goals. Tegelijk hoopte ik dat de jongens van Graaf Willem II hun tekortkomingen niet zouden gaan overcompenseren. Ik bedoel, op die leeftijd is hun eigenwaarde even broos als bronstig. En niemand wil opgediend worden als feestmaal van een ander, maar als 12- of 13-jarige jongen al dus helemaal niet. Afijn, het waren de spelers van de kampioen die ik voortdurend moest terugfluiten. Lomp, fel en brutaal waren ze soms, vast vanwege alles wat na er afloop nog komen ging. Het was er de wedstrijd niet voor en ik ben er de persoon niet naar, maar een pietlut had deze ongedurige pubers tot waanzin kunnen drijven.

Na afloop, het was 7-0 geworden, werden de spelers door hun coaches uitbundig gehuldigd en geprezen op het bordes, toegeklapt door hun ouders. Voor hen was er onder andere bier met speciale JO13-1-kampioensetiketten. Waarna de onvermijdelijke apotheose was dat de coaches en teammanager daarna onder begeleiding de sloot in sprongen.

Dit was de laatste column van ‘Hé Scheids!’ van het seizoen.

Robbert Minkhorst

Twitter: @LD_mink #ikwordscheidsrechter

Gerelateerd nieuws

Laatste artikelen

Terug naar boven