Hé scheids! Voor het echie

KNVB Media
KNVB Media
7 februari, 9:17

Redacteur Robbert Minkhorst neemt de proef op de som. - Foto: KNVB Media

Steeds sneller, steeds makkelijker ook, is de scheidsrechter Kop van Jut. Beschimpt, belaagd en betast. Wie respecteert de scheidsrechter nog? En hoe leuk is het dan om er een te zijn - of te worden? Journalist Robbert Minkhorst neemt de proef op de som.

Ik trok een grote broek aan de vorige keer: ‘Ik spring graag in het diepe. Pas als je er staat, weet je of je er klaar voor bent’. In de veronderstelling dat de echte vuurdoop nog wel even op zich zou laten wachten, kon ik als pas gediplomeerd KNVB-scheidsrechter zoiets makkelijk roepen, en vinden. Voor de cursus SO III zou je ingeschaald worden in jeugdcategorieën, en dat zou in principe de rest van te seizoen ook zo blijven.

Moment van de waarheid

Plotseling kwam dat moment van de waarheid een stuk dichterbij

En zolang de bond mij in mijn comfortzone zou houden, kon ik natuurlijk niet falen. Dan is ook het makkelijk vol te houden dat je het wel aankunt. Maar plotseling kwam dat moment van de waarheid een stuk dichterbij. Terwijl ik me onderwijl begon af te vragen waarom ik sinds de winterstop nog helemaal geen aanstellingen had gekregen (daarover later meer), appte een bestuurslid van de scheidsrechtersvereniging COVS Leiden en omstreken me: of ik die zaterdag stand-by wilde staan, mocht hij worden opgeroepen van de reservelijst van de KNVB. Toen kwam hij met het aanbod om zijn oefenwedstrijd sowieso over te nemen. Meerburg 2 – Koudekerk 2.

Er was geen weg meer terug. Indachtig mijn overmoedige enthousiasme (‘ik spring graag in het diepe’) natuurlijk al helemaal niet. Meerburg 2 is een middenmoter in de zaterdagse reserve derde klasse, geen misselijk niveau leek me. Dat is in elk geval hoger dan tot waar ik als voetballer ooit reikte - de reserve vierde klasse, en het was een hele hoop grijze haren geleden. Dus ze zouden jonger zijn dan ik. Beter, ongetwijfeld ook sneller. En vast bijdehanter.

Bijbenen

Er was geen weg meer terug. Indachtig mijn overmoedige enthousiasme (‘ik spring graag in het diepe’) natuurlijk al helemaal niet

Zou ik het – in de wetenschap dat een scheidsrechter zomaar twee kilometer meer loopt in een wedstrijd én sneller moet kunnen handelen en schakelen dan een voetballer – als beginneling allemaal wel kunnen bijbenen? De aankondiging dat COVS-bestuurder Remco van der Ploeg mij (in elk geval in de eerste helft) zou komen chaperonnen, was ineens een veilig idee. ‘Komt er ook weer een stukje in het Leidsch Dagblad?’, vroeg de aanvoerder van de thuisclub vooraf, waarmee hij meteen blijk gaf vorig seizoen mijn columns te hebben gelezen. ‘Alleen als jullie er een potje van maken’, riposteerde ik – ‘maar dat waren jullie toch niet van plan?’

Nee hoor. Beide aanvoerders legde ik uit wat ik ook met de trainers had doorsproken, en wat me vooraf werd geadviseerd: bij een gele kaart wilde ik dat de betreffende speler gewisseld zou worden. En tja, een rode kaart – voor slaan, schoppen, spugen – was ik toch genoodzaakt aan de bond door te geven. Daar was alle begrip voor. ‘Maak je maar geen zorgen scheids’, klonk het in koor.

Gemoedelijk

Ik merkte dat ik makkelijk meekon en veel soepeler het spel kon volgen. Alsof ik het ook beter snapte

Mijn onrust bleek overdreven, want zo gemoedelijk bleef het. Belangrijker nog: ik merkte dat ik makkelijk meekon en veel soepeler het spel kon volgen. Alsof ik het ook beter snapte. En ik raakte niet verstrikt in mijn looplijnen, wat me bij een jeugdwedstrijd af en toe nog wel gebeurde. Alleen al vrij snel in de tweede helft voelde ik mijn kuiten vollopen. Kramp! Nee! Ging mijn nonchalance zich nu wreken? Juist omdat ik in de jeugd fluit, was de conditie nooit een probleem geweest, en dacht ik me dus een luie winterstop te kunnen veroorloven. Het zou me als scheidsrechter toch niet overkomen dat ik hier door mijn hoeven ging zakken? Wat voor sukkel ben je dan?

Gelukkig: door me een tijdje iets zuiniger te positioneren, verdween de spanning in mijn spieren. Kortom: op dat ene dingetje na deed ik het fluitend. Twee dagen later kwam er digitale post van de KNVB. Het was er nog niet van gekomen om de geslaagde cursisten in te delen, stond daarin, omdat onze docent ons niveau – de scheidsrechtergroepen – nog moest toewijzen. Zou ik dan misschien toch…?

Robbert Minkhorst

Twitter: @LD_mink #ikwordscheidsrechter

Gerelateerd nieuws

Laatste artikelen

Terug naar boven