4+k tegen 4+k grote doelen

O18 & O19
10 - 12 spelers
¼ veld

Doel

Omschakelen op moment van balverlies verbeteren.

Organisatie

  • Lengte: 30/35 meter
  • Breedte: 40 meter
  • Beide teams kunnen scoren op een groot doel
  • Als de bal uit is, indribbelen of inpassen
  • Bij een doelpunt, achterbal of hoekschop starten bi de eigen keeper
  • (Eventueel) doorwisselen na elk doelpunt, achterbal of hoekschop
8 voetballen
8
4 pilonnen
4
2 pupillen doelen van 5 bij 2 meter
2
6 blauwe hesjes, 6 oranje hesjes
12
16 gele hoedjes
16
Hoe ziet deze oefening eruit?

Hoe ziet deze oefening eruit?

1:35 min

Makkelijker of moeilijker maken

Aanvallen moeilijker maken

  • Veld smaller maken
  • Verdedigende team belonen, wanneer ze de bal afpakken op de helft van de tegenstander en scoren

Aanvallen makkelijker maken

  • Veld breder / langer maken

Bedoeling van deze oefening

KARAKTERISTIEK

  • Scoren door te schieten op een groot doel met keeper
  • Door middel van dribbelen / individuele actie in scoringspositie komen
  • Of door middel van al dan niet bewust samenspel medespeler in scoringspositie brengen
  • Bal vrijmaken om op doel te kunnen schieten

EISEN AAN HET SPEL

  • Het aannemen, controleren van de bal en dribbelen richting het doeltje van de tegenpartij
  • Zodra de bal vrij is (binnen schotafstand), schieten
  • Overzicht in de situatie waarheen te dribbelen, waar staan veel en waar staan weinig spelers
  • De bal steeds onder controle houden, veranderen van richting en versnellen
  • Kiezen van het moment en de richting van de passeeractie
  • Afsnijden van de pass van de tegenstander en het afschermen van de bal
  • Dribbelen (soms) afwisselen met passen op een medespeler

Tip

  • Zorg ervoor dat de wisselspelers steeds staan opgesteld in het wisselvak
  • Positie kiezen tussen tegenstander en het eigen doel
  • Tegenstander dwingen naar een zijkant / maken van fouten
  • Druk op de bal houden en de bal op het juiste moment veroveren

Wat wil en kan de O18 & O19 speler?

 
 

Vijf typische kenmerken van de O18 & O19-speler:

1. MANNELIJKHEID. Zijn O17 nog jongens, O19 komen op je over als mannen. Ze zijn breder, atletischer en ook geestelijk zijn ze evenwichtiger. Dit komt hun spel ten goede. In kleine ruimtes zijn ze beter bestand tegen druk en ze hebben meer overzicht over het spel.

2. GEESTELIJK EVENWICHT. O19-spelers zijn nog geen volleerde voetballers, maar het is nog slechts een kwestie van rijpen. Alles wat hen tot nu toe is aangereikt, moet alleen nog op de juiste plek vallen. De onrust die zo kenmerkend is voor O17-spelers maakt nu plaats voor een meer beheerst optreden. Er ontstaat een zekere zelfcontrole. Gebeurtenissen binnen het team en opstootjes op het veld worden zakelijker benaderd.

3. VOLWASSEN GESPREKSPARTNERS. O19-spelers gaan op niveau het debat met je aan. Is jouw seizoensdoel met ‘dit materiaal’ handhaving in de competitie als middenmoter? Daar zijn ze het niet mee eens. ‘Trainer, wij willen kampioen worden. We gaan drie, desnoods vier keer per week serieus trainen, we gaan aanvallend spelen én al onze spelers zijn bereid om op de bank te zitten. Elke zaterdag spelen we met de beste elf.’ Jij gunt liever iedereen evenveel speeltijd. Wat nu? Is hun voornemen niet te ambitieus voor dit team? Botst het met het recreatieve karakter van de club? Nee. Het leren winnen van de wedstrijd hoort bij het jeugdvoetballeerproces. Dat is nu belangrijker dan het clubbeleid.

4. KEUZES MAKEN. O19-spelers kiezen tussen uitgaan of op tijd naar bed, tussen voetbal als sociaal gebeuren of als prestatiesport, tussen de O19-2 en O19-1? Kiezen ze voor een selectieteam en belanden ze op de bank? Wringt dat met een kindvriendelijk beleid waar elke speler evenveel kansen verdient? Dat hoeft niet. Het onderscheid zit in de O19-spelers zelf. Het wekt bij hem juist wrevel als niet de beste spelers worden opgesteld. Hoe dan om te gaan met de nummers 12 tot en met 15? Die zijn even belangrijk als de basisspelers. Geef ze serieuze speeltijd, prikkel bankzitters en hun concurrenten op de training, beloon bijzondere inzet met een basisplaats.

5. LEERDOEL: LEREN WINNEN VAN DE WEDSTRIJD. De O19-speler kiest er nu ook voor gericht te trainen op de specifieke taken die bij zijn positie en linie in het veld horen. Hij wordt specialist en gaat alle relevante voetbalhandelingen beheersen die bij zijn positie op het veld horen. Hij beschikt over het vereiste spelinzicht en kan doelgericht communiceren met medespelers. Hij leert in dienst van het team en het doel te spelen.

Vergelijkbare oefeningen

Om je bezoek aan onze websites optimaal te laten verlopen, maken wij gebruik van cookies. Cookies om het verkeer over onze sites te analyseren en cookies om (advertentie)inhoud te personaliseren en sociale media content aan te bieden. Natuurlijk vinden wij je privacy belangrijk, daarom kun je deze cookie-instellingen zelf beheren. Hoe wij omgaan met de gegevens die op basis van de geplaatste cookies verkregen zijn, leggen wij uit in onze cookie- en privacyverklaring.