Een plein vol dromen

UITGEGEVEN: dinsdag, 23 augustus 2011 08:00 LAATST GEWIJZIGD: dinsdag, 23 augustus 2011 08:00

Omar Sebbar is een kruitvaatje met pretogen. Hij speelt in een Dream Team van het Afrikaanderplein in Rotterdam. Een project van de KNVB, welzijnsorganisatie Feijenoord en de lokale overheid om straatjongens aan het sporten te krijgen. Trainer Jorick Beijers heeft er zijn handen vol aan.

Omar heeft straf. Een vechtpartij, niet voor het eerst. In de woorden van zijn vader: ,,Omar heeft de laatste dagen stoere dingen gedaan.” In zijn eigen woorden: ,,Die jongen schold me uit. Dat pik ik niet.” Dus mag Omar niet voetballen, ook al komen uitgerekend vandaag de fotograaf en verslaggever van de KNVB naar Rotterdam. Speciaal voor Omar en zijn straatvoetbalteam. Maar vader moet streng zijn. Vechten is niet goed en als je Omar ergens mee kunt straffen, is dat voetbal. Oké, en zijn computer. Maar na een bemiddelend telefoontje strijkt vader over zijn hart. Vooruit, Omar mag praten met die meneer en dan even voetballen. Maar daarna, hup, terug naar huis.

Altijd op het plein
Er verschijnt een lach op het gezicht van de negenjarige Omar Sebbar. Een guitige lach, met de pretogen die daarbij horen. Kortom: het hoofd van een boefje. Voetbal is zijn leven. ,,Voetbal? Ik ben aangestoken door mijn vrienden. Ik ben met voetbal opgegroeid. Geef mij twee minuten en ik heb de hele Afrikaanderbuurt bij elkaar om te voetballen.”

Omar zat een tijdje bij een club, maar dat beviel niet. Sindsdien speelt hij op het Afrikaanderplein, de hele dag. ,,Ikke? Zodra ik uit ben van school. In de vakantie kun je me hier vinden tot elf uur, half twaalf ’s avonds. Op schooldagen tot half negen. En als ik naar huis ga, is het om de Champions League te kijken.”

‘Mondige’ jeugd
Lekker spelen op het Afrikaanderplein kan nog niet zo lang. Het plein, in het hart van een buurt die tegenwoordig ‘kanswijk’ wordt genoemd, was een gribus van asfalt en hangjeugd. Samen met de Cruyff Foundation werd het door de gemeente grondig gerenoveerd. Er kwam een Cruyff Court KNVB Veld, een tennisbaan, hockeyveld en basketbalveld, waar de jongeren uit de buurt gratis training  kunnen krijgen. Alles om de jongens van straat te houden.

Jorick Beijers is sportmedewerker van de gemeente. Samen met een of twee collega’s geeft hij iedere woensdagmiddag voetbaltraining op het plein. ,,Sport is een belangrijk middel om deze jongens op het juiste pad te houden. Daarom geeft de gemeente ook al die extra aandacht. Want het is wel.., eh…, mondige jeugd.” Mondig. Mooi eufemisme.

Iedereen een big smile
Jorick zag Omar voetballen op het plein en vroeg hem vier van zijn beste vrienden bij elkaar te zoeken. De enige voorwaarde: ze mochten niet bij een club voetballen. En zo ontstond het eerste Dream Team van het Afrikaanderplein. Inmiddels zijn daar nog twee teams bijgekomen, allen van de Da Costaschool om de hoek. Het kostte Omar geen enkele moeite om een paar vrienden te vinden.

,,Eigenlijk waren die jongens niet zo bezig met voetbal. Maar ze waren meteen blij en deden fanatiek mee. Dan zie je ze met een glimlach.” Jorick: ,,Net als jij, Omar. Jij hebt ook een pretkop.” Omar: ,,Het gaat toch ook niet om het winnen, of om goed of slecht? Het gaat om samen spelen. Ja toch? En dat iedereen een big smile op zijn gezicht heeft.”

Voorwaardelijke droomwens
Omar volgt ook wel eens een gratis tennisles, maar die sport is aan hem niet zo besteed. ,,Tennis speel je in je eentje. Dan krijg je geen lekker balletje om erin te knallen.” De trainingen en toernooien van de Dream Teams zijn dan wel gratis, maar de jongens moeten wel een echt contract ondertekenen.

Daarin verklaren ze onder meer dat ze netjes met hun eigen en andermans spullen omgaan, elkaar met respect behandelen en op school geen slechte resultaten halen. Bij drie gemiste trainingen of wedstrijden of slecht gedrag worden ze uit het team verwijderd. En één keer per seizoen moeten ze vrijwilligerswerk doen op het plein. Ook de ouders ondertekenen het contract. Als de jongens zich een jaar lang aan alle regels houden, gaat een voetbalwens in vervulling die elk team heeft mogen kiezen. Dat van Omar wilde met de spelers het veld oplopen tijdens een officiële wedstrijd van het Nederlands elftal, in een echt Oranje-tenue. Komt die glimlach weer: ,,We twijfelden eerst tussen een clinic met een speler van het Nederlands elftal. Maar met deze droom ontmoeten we én het Nederlands elftal én krijgen we een tenue. Wat wil je nog meer?”

Straatregels
Jorick heeft in Omar zijn oogappeltje gevonden. ,,Hij is een gangmaker, dat heb je nodig, ook voor later. Hij is altijd positief en helpt nu al mee bij de organisatie. Af en toe is hij te beschermend naar zijn broertje of vrienden.” Omar ziet het probleem niet zo: “Als ze mij, of mijn broertje of mijn buurtje iets aan willen doen, dan pik ik dat niet. En als ik daar straf voor krijg, maakt me dat niets uit.” Trouwens, er is nu wel weer genoeg gepraat. Hoogste tijd voor een potje voetbal. Omar tegen zijn
kameraden: ,,Oké boys, we springen erin.”

Op het court voetbalt op dat moment ook een ander groepje jongens. Dat komt mooi uit, er hoeven nu alleen nog even teams te worden samengesteld. Maar dan stuiten we meteen op de straatregels van de Afrikaanderbuurt. De andere jongens op het veld zijn, op z’n zachtst gezegd, niet de favoriete tegenstanders van Omar en zijn team. ,,Luister mattie, zij kunnen niet voetballen. Dan krijgen ze een doelpunt tegen en dan gaan ze weer vechten en dan krijg ik weer straf.”

Engelengeduld
Inderdaad, boteren doet het niet en ook het andere team bestaat uit mondige jeugd. Nog voordat er ook maar één bal wordt getrapt, begint een lange, lange, woordenwisseling vol verwijzingen naar etniciteit, seksuele voorkeur en bepaalde ziektes. Dat gaat in woord én gebaar. De Afrikaander warming-up; kruitvaatjes onder elkaar. Jorick en zijn collega hebben hun handen vol. ,,Hey boys, gaan we nog ballen?” Nope, dat zit er voorlopig niet in. Jorick blijft er bewonderenswaardig rustig onder. ,,Het is wat het is. Daarom zet je dit soort projecten juist op.”

Met engelengeduld lukt het hem uiteindelijk – een minuutje of twintig later – de partijen tot rust te krijgen. En dan rolt de bal alsnog, en verschijnt de glimlach op het gezicht van Omar en zijn matties.
 



STUUR DE LINK VAN DIT ARTIKEL NAAR: